Geen geld voor golddigger na scheiding

Opmerkelijke en smeuïge zaken uit de eerste helft van 2022

Een mooie jonge vrouw is getrouwd met een rijke man, die 40 jaar ouder is. Zij wil al vrij kort na hun  huwelijk van hem scheiden. Op basis van een verrekenbeding in de huwelijkse voorwaarden heeft zij recht op de helft van het vermogen van de man.

De man is het daar niet mee eens. De man heeft in de gerechtelijke procedure aangevoerd dat het de vrouw in het huwelijk niet om hém te doen was, maar alleen maar om zijn geld. Dit blijkt uit de vele uitgaven die hij voor de vrouw heeft gedaan. De vrouw heeft, met valse beloftes en valse voorwendselen (zij zou nooit van de man scheiden, op korte termijn bij hem komen wonen en met de man kinderen willen) de man een valse toekomst voorgehouden en hem bewogen een huwelijk aan te gaan, waarbij de vrouw nimmer de intentie heeft gehad haar beloftes na te komen. Dat de vrouw niet gelijk na het huwelijk al wilde scheiden, is erin gelegen dat de vrouw bewust het overlijden van de moeder van de man heeft afgewacht, omdat de vrouw wist dat de man een flinke erfenis zou krijgen.

Daarbij heeft de vrouw wisselende verklaringen over de reden van de echtscheiding afgelegd. In hoger beroep heeft de vrouw aangevoerd dat de reden om te scheiden was gelegen in bepaalde seksuele wensen van de man, terwijl zij als getuige bij de rechtbank heeft verklaard dat zij wilde scheiden omdat de man niet met haar in Nederland wilde samenwonen.

Het hof oordeelt dat de vrouw van begin af aan inderdaad de intentie heeft gehad om haar beloftes, gedaan ten tijde van de totstandkoming van de huwelijkse voorwaarden, niet na te komen. De toepassing van het verrekenbeding moet daarom naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid worden geacht onaanvaardbaar te zijn.

Ook interessant