23-10-2019

Btw en toeristenbelasting: een ongelukkige combinatie

In het kader van deze column kom ik regelmatig met besparingstips. Gelet op de door mij ontvangen reacties worden die zeer gewaardeerd. In deze column wil ik een volstrekt onderbelicht probleem aanstippen. Dat probleem heeft te maken met de combinatie tussen btw en toeristenbelasting. Deze twee heffingen zijn voor recreatieondernemers niet vreemd. De samenhang tussen beide klinkt in eerste opzicht misschien wel opmerkelijk. Btw betaal je grof gezegd over de omzet. Toeristenbelasting hangt samen met het verblijven (al dan niet met overnachting) tegen een vergoeding. Maar wat gebeurt er als beide heffingen samenvallen?

De samenloop

Stel, ik overnacht in een hotel in de gemeente Groningen. Hiervoor betaal ik een vergoeding. Voor de overnachting brengt het hotel mij toeristenbelasting in rekening. Vervolgens geeft het hotel de overnachting aan en draagt de toeristenbelasting af aan de gemeente. Het verblijf dat mij wordt aangeboden is ook belast met btw. Het hotel brengt mij deze in rekening en draagt deze af aan de belastingdienst. Op het eerste gezicht lijkt dit een helder en logisch verhaal. Maar over welk bedrag moet nu btw worden betaald? Wordt over het bedrag aan toeristenbelasting ook nog eens btw geheven?

Het antwoord op die vraag kan zowel ja als nee zijn. De crux zit hem in de kwitantie die het hotel uitreikt. Als op de kwitantie de toeristenbelasting als een losse component vermeld staat, dan hoeft daar geen btw over te worden betaald. De toeristenbelasting blijft dan als een zogeheten ‘uitschot van belasting’ buiten de heffing van btw. Wanneer slechts een totaalprijs (inclusief toeristenbelasting) op de kwitantie staat, is wel btw verschuldigd.

In de praktijk kom ik veelvuldig ondernemers tegen die ‘gewoon’ btw over de toeristenbelasting berekenen. Ook al staat het wel afzonderlijk op de rekening. Dit lijkt misschien een kleinigheid. In veel gemeenten vallen de tarieven van de toeristenbelasting immers mee. Toch is deze fout behoorlijk groter dan hij lijkt. Ter illustratie geef ik een klein rekenvoorbeeld vanuit de praktijk. Een recreatieondernemer betaalde circa € 200.000 toeristenbelasting per jaar. Voor overnachtingen wordt tegenwoordig zelfs 9% btw afgedragen. Jaarlijks wordt daar dus € 18.000 te veel btw betaald! Dat is voor de meeste mensen geen klein bier.

Specificeer jij de toeristenbelasting op de kwitantie aan de gasten? Maar heb jij over het gehele bedrag btw betaald? Dan kom je mogelijkerwijs in aanmerking voor een teruggaaf. Voor de btw kan 5 jaren worden teruggegaan. In mijn rekenvoorbeeld zou dan voor € 90.000 kunnen worden teruggevorderd. Voor hotels, waar tarieven veelal hoger liggen en meer overnachtingen plaatsvinden, wordt vaak op een nog groter bedrag uitgekomen.

Is het voorbeeld van toepassing op jouw hotel of camping? Neem dan vooral contact op met REIN. Wij hebben veel ervaring met dergelijke teruggaaftrajecten. Hierbij zorgen wij altijd voor een vlotte en nette afhandeling. REIN helpt je op deze manier écht verder.

Deze column is verschenen in de RekreaVakkrant op 10 mei 2019, editie 5/6.

Ook interessant

KVK: 01140349 BTW-nummer: 801625439B01